donderdag 9 september 2010

Oog in oog met een sprookjesdier

Vanuit haar glazen kistje kijkt ze me met nietsziende glazen ogen triestig aan. Als een gevederde Assepoester die na 170 jaar nog steeds vergeefs op haar prins wacht. Ik bekijk haar met gemengde gevoelens. Ik heb een brok in mijn keel bij het zien van dit triestige sprookjesdier, maar aan de andere kant ook een triomfgevoel.
Ladies and gentlemen; we've got him!
Eindelijk is het dan gelukt. Zoals gezegd in een vorige blog was mijn eerste poging om de reuzenalk te zien zondag niets uitgelopen, vanwege de afwezigheid van il dottore curatore. Haar toestemming was nodig om het depot te bezoeken. Inmiddels meen ik een beetje te begrijpen hoe het in Italië werkt. Als gewone sterveling kom je op dit soort locaties niet binnen, dus had ik me vanmorgen goed voorbereid op de ontmoeting met deze halfgod: jasje aan, luchtje op, visitekaartjes mee. Helemaal als academicus op pad. Dress to impress.

En het werkte. Nadat ik schandalig lang had zitten wachten terwijl ze nog aan de telefoon hing (een beginnersfout: ik had mezelf niet telefonisch aangekondigd, omdat ik had verwacht dat de suppoost zou doorgeven dat ik kwam) en me verontschuldigd had voor het onverwacht binnenvallen, kostte het opmerkelijk weinig moeite om de reuzenalk te zien. Ze scheen het zelfs leuk te vinden dat iemand belangstelling had voor 'haar' vogel. Ik mocht met il dottore curatore naar de kelder om het heilige der heilige, het deposite segretto te bezoeken. Daar, in de klimaatgestuurde vergrendelde kast met uitgestorven en zeldzame vogels, was het eindelijk zo ver...

Wat een bijzondere vogel. Een majestueuze niet-vliegende vogel met een ontroerend-vriendelijke kop. Een elegante zwemmer die er geen moeite mee had om de noordelijke Atlantische oceaan tijdens de ijskoude wintermaanden te doorkruisen. Weerbarstig en kwetsbaar tegelijk. Het soort dier waar mythen omheen ontstaan.Il dottore curatore stond me toe om enkele foto's te maken (without the flash, eh?), dus hierboven een compilatie. Klik op de foto's om ze in het groot te zien.
Ik heb in een grijs verleden de reuzenalk in Leiden wel eens gezien, maar deze vogel is veel mooier. Bijna alsof ie gisteren is opgezet. Het geheim van dit exemplaar (wat een oneerbiedige manier van omschrijven!) is dat ze in de jaren zeventig van de negentiende eeuw cadeau is gedaan aan de Italiaanse koning. Bij die gelegenheid is ze opnieuw opgezet op de beste manier die toen beschikbaar was. Overigens was de vogel op dat moment al zo'n veertig jaar dood: waarschijnlijk is ze ergens rond 1835 in de buurt van IJsland gevangen, toen de laatste exemplaren van deze toen al legendarische vogels door professionele verzamelaars doodgeknuppeld werden om ze voor veel geld te kunnen verkopen aan rijke 'vogelliefhebbers'. Zeker nadat bekend was geworden dat het dier echt was uitgestorven onstond er in de late negentiende eeuw een ware reuzenalk-gekte in de Westerse wereld. In die tijd was een opgezette reuzenalk een hooggewaardeerd en peperduur cadeau.

En toen moest de reuzenalk helaas weer terug de kast in van il dottore curatore...
De reuzenalk (pinguinus impennis) is overigens de naamgever van de bekende zuidelijke pinguins. Spanjaarden en Kelten noemden de reuzenalk pingüinos of pen wyn (witkop), naar de witte kop die het dier had in de wintermaanden. Toen ontdekkingsreizigers de zuidelijke pinguins ontdekten vernoemden ze deze vogels naar hun noordelijke tegenvoeter.

De zuidelijke pinguins zijn overigens niet verwant aan de reuzenalk. Dat is duidelijk te zien aan de foto hierboven: de snavel en vooral de zwemvleugels zijn heel anders. Ze lijken echter op elkaar doordat ze als zwemvogels min of meer op dezelfde manier leefden.

Al is de reuzenalk uitgestorven, zijn kleine (wel-vliegende) neefjes bestaan nog steeds: Hier Co met de rest van de alkenfamilie: op de onderste plank de koddige papegaaiduiker en op de middelste plank een zeekoet en de alk, die in een andere, betere, wereld waarschijnlijk de kleine alk genoemd zou zijn...


Romeinse wijsheden (VI)


Nemo solus satis sapit

Niemand weet alleen genoeg
(Plautus Miles Gloriosus 885)

woensdag 8 september 2010

Schandalige melk

Parmalat.... Was daar niet wat mee? Een of ander schandaal een jaar of tien geleden? Ik weet niet meer of het een schandaal was met vergiftigde (dioxine)melk of een grote financiële zwendelig.
En ik ga het ook niet uitzoeken. Hoewel het in Rome volop in de supermarkt te vinden is, ziet de melk van Parmalat er zó onappetijtelijk uit dat ik überhaupt niet van plan ben om het te gaan drinken....

Romeinse wijsheden (V)


E fructu arbor cognoscitur

Aan de vruchten herkent men de boom

dinsdag 7 september 2010

Het bewijs is geleverd...

De oude Romeinen waren helemaal niet zo primitief als altijd is gedacht!

Romeinse wijsheden (IV)

Aut Ceasar aut nihil

Caesar of niets
(alles of niets)

morgen...

Een enig moment in ons leven.........
tijdsaanduiding !!!
Op de 8e september van dit jaar krijgen we om 6 minuten en 7 seconden na 5 uur de volgende tijdsaanduiding:
05:06:07:08/09/10
Dit zal nooit meer voorkomen!
En op een of andere manier is dat toch spannend. Het is maar gewoon een willekeurige getallenreeks, maar mensen zien altijd patronen. Dankzij collega Ger-I wordt morgen niet zomaar een dag...

maandag 6 september 2010

Op bezoek in een Romeins museum

Co heeft een zwak voor (bijna) uitgestorven dieren. Niet voor dinosaurussen die miljoenen jaren geleden leefden, maar voor dieren die nog maar kortgeleden door mensen de vergetelheid in zijn geschopt. Duizenden generaties evolutie die abrupt doodloopt omdat enkele zeelieden trek kregen in een hartige snack. Van die dingen.
We hebben op deze blog al eerder over deze dieren geschreven, zoals over de kakapo en Co's favoriet, de Reuzenalk. Toen Co dan ook ontdekte dat het plaatselijke natuur-historische museum één van de mooiste opgezette reuzenalken heeft, moest en zou hij dit museum op z'n eerste zondag in Rome bezoeken.
Het begin was veelbelovend: een 2 meter hoog beeld van de reuzenalk siert de entree van het museum. Ook op folders en posters werd ruime promotie gemaakt voor de pinguin-van-het-noorden. Vol hoop startte Co dan z'n een rondje door het museum.
Een mooi museum, met bijzondere zaken zoals het enorme ei van de ook uitgestorven Nieuw-Zeelandse moa...
...enkele doopvontschelpen, de grootste schelpdieren ter wereld.... ... en meerdere dieren die nog steeds beduusd leken te zijn van het feit dat ze nu opgevuld in een museum stonden.
Na de gebruikelijke natuurdiorama's (vooral die ene linksonder is wel héél erg Erik, of het Kleine Insectenboek)....
... bleek tot Co's aangename verrassing een deel van het museum nog niet echt gemoderniseerd te zijn. Dat betekent kasten en kasten vol met opgezette vogels uit alle windstreken...
... en heel veel slecht opgezette zoogdieren, zoals deze triestige wombat, de gammele buidelmarmot en de capibara, die overigens in de toekomst steeds chagrijniger zal gaan kijken (omdat ie langzaam aan het leeglopen is: kijk maar naar het hoopje wit zand onder z'n kop).
Toen de tentoonstelling eindigde met een skelettenzaal, bekroop Co het gevoel dat er iets grondig fout ging. Waar was de reuzenalk gebleven? Navraag bij de suppoost leerde dat de echt zeldzame dieren 'uiteraard' niet tentoongesteld werden aan het publiek. Na enig aandringen en een omweg via een walvisskelet (de combinatie 'giant auk' en 'sea bird' leverde bij de suppoost een andere associatie op dan bij Co), werd Co beloond met een spannend tochtje door de depots van dit dierenknekelhuis. Een expeditie die doodliep bij de gesloten deur van il deposito segreto.

'Achter deze deur staat de Alca' gebaarde de man. Alleen toegankelijk in aanwezigheid van il dottore curatore. En die is uiteraard op zondag niet aanwezig... Op dinsdag dan? Nee, il dottore curatore heeft een lang weekend. Komt u donderdag maar weer eens terug.

Dat zal ik zeker doen. Deze kans om de reuzenalk eindelijk eens in het echt te zien laat Co niet lopen. Nu alleen hopen dat il dottore curatore deze week niet wat vroeger aan haar weekend gaat beginnen...

Romeinse wijsheden (III)


Aurora musis amica

Ochtendgloren is een vriend van de muzen
(Een vroege vogel vangt altijd wat)

zondag 5 september 2010

Romeinse wijsheid (II)


Nec verbum verbo curabis reddere fidus interpres

Als een ware vertaler moet je er op letten niet letterlijk te vertalen
(Horatius)

Rondleiding door het Nederlands Instituut

Zoals beloofd vandaag een rondleiding door het Koninklijk Nederlands Instituut Rome, of zoals dat in mooi Italiaans heet: il Reale Istituto Neerlandese a Roma. Het instituut zit in een statige villa in neo-renaissance stijl, gelegen aan de rand van het Villa Borgese, zeg maar het Vondelpark van Rome.
Met zijn natuurstenen vloeren, galmende gangen en archaïsche elementen, zoals een telefoon op de gang om mee naar buiten te bellen (zou er nog één iemand komen die geen mobieltje heeft?), ademt het gebouw nog steeds de sfeer van een degelijk, ouderwets onderzoeksinstituut. Een sfeer die nog versterkt wordt door het marmeren bankje bij de deur, waarop een strooien gleufhoed klaar ligt voor het geval de hoogleraar-directeur zich in de mediterrane zon wenst te begeven.
De hele villa is ouderwets-degelijk, gebouwd met materialen van eerste kwaliteit. Ik heb komende drie maanden een kamer waar menig student in Nederland jaloers op zou zijn. Ruim bemeten, geluidsarm en ik hoef niet eens zelf schoon te maken!
Op de tweede verdieping, de gastenverdieping, zijn elf van deze ruime kamers, verdeeld over twee vleugels met elk eigen toiletten en douchevoorzieningen. Verder zijn een zeer ruime keuken, een zitkamer en een wasmachineruimte bij de verdieping inbegrepen. Maar het pièce de résistance is toch wel het grote dakterras, waar het vooral 's ochtends en 's avonds heerlijk toeven is.
Over het reilen en zeilen van het instituut kan ik nog niet veel zeggen, omdat ik op vrijdagavond ben aangekomen. Wel heb ik al even door het gebouw gezworven, de grote bibliotheek bewonderd, en de vele beelden, schilderijen, affiches van voorbije tentoonstellingen en borstbeelden van beroemde voorgangers bewonderd. Later meer over de dagelijkse gang van zaken in het instituut.
De villa van het instituut is rondom voorzien van een ruime tuin, inclusief rozenprieel en palmbomen. Een enorme luxe in een dichtbebouwde stad als Rome. Een standbeeld, een instituutskat en zwaar-koperen bordjes bij de deur maken het geheel af. Hoewel, af....
Ondanks de Hollandse degelijkheid van het geheel blijft het natuurlijk wel Italië. Het gebouw zou niet compleet zijn zonder een onduidelijke verbouwing die zich over meerdere generaties dreigt voort te slepen.

zaterdag 4 september 2010

Ka en Co kijken naar elkaar...

Wat is skype geweldig. We kunnen elkaar gewoon zien via de computer. En dat is heerlijk!

Romeinse wijsheid (I)


Amor tussisque non celantur

Liefde, en een hoest, kan men niet verbergen
(Ovidius)



Dankzij het Olsterstel heeft Co 90 Romeinse wijsheden meegekregen, één voor elke dag van zijn verblijf in Rome. Ka heeft de vertalingen gekregen, zodat we u elke dag samen een Romeinse wijsheid kunnen presenteren.

vrijdag 3 september 2010

Co's eerste Romeinse hap

Niet slecht hè,voor de eerste avond in Rome....
Morgen geef ik een rondleiding door het Nederlandse Instituut.

Hij is er...

Co is er! Hij heeft een goede vlucht gehad en is prima aangekomen bij het Koninklijk Nederlands instituut in Rome. Het afscheidontbijt bij de fam. was heerlijk en gezellig. Het afscheid op Schiphol was te doen. De vlucht ging prima, de taxirit vanaf Termini naar het instituut verliep voorspoedig, het weer in Rome is heerlijk, 27 graden en zon (het wordt bij ons trouwens ook weer beter) en hij heeft een fijne kamer. Terwijl Ka dit typt is Co op verkenningstocht in de eeuwige stad naar Brood en Spelen.

Nog meer goed nieuws...

De Volkskrant Nieuwsalert 03 september
----------------------------------------
*** Formatie VVD, CDA, PVV mislukt ***
De formatie van een kabinet tussen VVD-CDA met gedoogsteun van de PVV is mislukt. http://www.volkskrant.nl/binnenland/article1415919.ece/Formatie_VVD%2C_CDA%2C_PVV_mislukt
Sommige dagen hebben een gouden randje!

donderdag 2 september 2010

Zegenrijke tocht naar Rome

Zo vlak voordat Co begint aan zijn Grote Reis naar Rome, krijgt hij van alle kanten de zegeningen mee voor deze expeditie. Een bijzondere kregen we van de heer W. te D.:

Dag Co,

Ik heb met te laat gerealiseerd dat ik de zegen van de Heilige Christoffel over je reis via internet had kunnen inroepen. Bijvoorbeeld via sanmichelearchangelo.com, de pauselijk goedgekeurde retailer in roomse parafernalia. Niks veranderd sinds de aflatenhandel in de middeleeuwen. Hoop dat je ondanks deze omissie en zonder amulet van de patroonheilige van alle reizigers, timmerlieden, schilders, pelgrims, fruithandelaren, boekbinders, schatgravers, hakebusschutters, hoedenmakers, tuinmannen en kinderen; alsmede patroon tegen besmettelijke ziekten, onverwachte dood, de pest, droogte, onweer, hagel, watersnood, vuurrampen, oogziekten en tandpijn, veilig zult aankomen in de Eeuwige Stad.

Goeie reis en tot spoedig ziens, W. te D.

Ondanks de afwezigheid van Sint Chris denkt Co dat hij toch veilig in Rome zal aankomen. Daar zorgen de vele zegeningen van alle lieve mensen wel voor: de Romeinse spreuken van het Olster stel, het mooie fotolijstje-met-inhoud van HJ en Krien, de lieve kaarten van Ger-I, de (strip)boeken, aardigheden, mailtjes en berichtjes van familie, vrienden en collega's. Iedereen leeft erg mee en daar is Co heel blij mee!
Gezegend en gesterkt vertrekt hij morgen naar de Eeuwige Stad.